Jan Balliauw
2015/12/28
Het schaakspel van Poetin
In onze eindejaarreeks focussen we ook op de grootmachten. Na Europa, gisteren, vandaag: Welke rol speelt Rusland in het geopolitieke schaakspel?

Jan Balliauw is Ruslandspecialist voor VRT Nieuws.
Zowat 1400 journalisten waren midden december opgedaagd voor de jaarlijkse nieuwjaarsshow van Poetin. Elk jaar kunnen enkele tientallen uitverkoren journalisten uit de massa aanwezige mediamensen vragen stellen aan Poetin. In het tijdperk van de Ik-journalistiek is het stellen van een vraag uitgegroeid tot het allerbelangrijkste voor veel aanwezige journalisten. Ze proberen op de meest onzinnige manieren de aandacht te trekken, met plakkaten, afbeeldingen, knuffels. Hoe gekker, hoe beter, is blijkbaar de stelregel. Dat Poetin vaak naast de vraag antwoordt, merken ze nauwelijks op, zo veel energie gaat er in het trekken van de aandacht.
Toch was de toon van de persconferentie dit jaar voor een aandachtige luisteraar anders dan de vorige jaren. Poetin trok dan geregeld zijn blik venijn tegenover het Westen open. Dit jaar bleef het achterwege. De boksbal dit jaar was Turkije waarmee Rusland een robbertje woordworstelen uitvecht na het neerhalen van een Russisch gevechtsvliegtuig door een Turkse F-16. Maar het Westen kwam redelijk ongeschonden uit de persconferentie.
Syrië vervangt Oekraïne
De antiwesterse retoriek van het Kremlin is de laatste maanden verminderd. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Kerry is weer een graag geziene gast in Moskou. Zijn recente wandeling en shopping op de Moskouse Arbat scoorde hoog op de Russische sociale media. Rusland verlegde in augustus de focus van Oekraïne naar een nieuw front, Syrië . In Oekraïne was niet veel eer meer te halen. Het front bewoog niet meer. Het Oekraïense leger kon van de pauze in de gevechten gebruik maken om een echt leger te worden, waardoor iedere hoop om nog meer grondgebied in te palmen was verdampt.
Voor het Kremlin was het hoofddoel hoe dan ook bereikt: Oekraïne via de opstandige gebieden in het oosten beletten om ooit lid te worden van de NAVO. En tegelijkertijd begon zich het scenario van de Oranjerevolutie weer te herhalen: interne discussies tussen pro-Europese krachten, hervormingen waarover veel wordt gediscussieerd maar weinig aan wordt gedaan, corruptie die blijft voortwoekeren. Poetin weet dat hij gewoon nog wat geduld moet hebben voor de Oekraïners er genoeg van hebben. Na de Oranjerevolutie kwam Janoekovitsj glansrijk terug. Een nieuwe terugkeer van de gevluchte president lijkt op dit moment uitgesloten, maar minder pro-Europese gezinde politici zouden zijn rol kunnen overnemen.
Het Oekraïense front
Bijna een jaar geleden zag de toestand in het oosten van Oekraïne er nog vrij hopeloos uit. Begin januari waren de gevechten weer in alle hevigheid losgebarsten. Het was een luchtmachtloze oorlog, met ouderwetse, niet-precieze artilleriebeschietingen over en weer. De burgerbevolking in een wijde omtrek van de frontlijn moest leven in schuilkelders. Ik vertrok op 11 februari naar daar, op het moment dat in Minsk Poetin, Porosjenko, Merkel en Hollande probeerden tot een nieuw bestand te komen. Pas de volgende ochtend zou het Minsk2-akkoord het leven zien met een bestand dat op 15 februari moest van kracht worden. Poetin had blijkbaar geijverd voor die enkele dagen uitstel zodat de separatisten in het oosten de kans kregen om het strategische knooppunt Debaltsevo nog te veroveren. Het Oekraïense leger was daar bijna volledig omsingeld.
De enige weg die de Oekraïense militairen nog konden gebruiken uit Debaltsevo bood een intrieste aanblik. Het asfalt was helemaal stuk gereden door de vele tankkonvooien. Af en toe zag je een militair voertuig tegen hoge snelheid tussen de putten laveren. Het waren transporten van gewonden. Op 15 februari ga ik opnieuw naar de frontlinie en hoor in de verte het geluid van artilleriebeschietingen, ook al is het bestand van Minsk2 van kracht geworden. In Popasnaja zie ik enkele inslagen van Grad-raketten. Er waren twee doden gevallen, de eerste na het ingaan van het bestand. De mensen in het dorpje hebben al maanden geen stromend water en verwarming. Ze lijken te leven op automatische piloot, gewoon verder doen zonder veel na te denken. Maar als ik ze vraag hoe ze het volhouden, komen de tranen en de woede snel naar boven.
Enkele dagen later ben ik aan de andere kant van het front. In het lokale hoofdkwartier van de separatisten in Jenakijevo worden we vriendelijk ontvangen, dankzij onze lokale producer die hier goede contacten heeft. De glimmende splinternieuwe militaire vrachtwagens steken schril af tegen de konvooien van aftandse militairen voertuigen die ik eerder aan de Oekraïense kant van het front heb gezien. We rijden via allerlei landweggetjes naar Jelenovka. Enkele nog smeulende pantservoertuigen duiden op een overhaaste aftocht van het Oekraïense leger dat hier de frontlijn bewaakte. Als we terug op het hoofdkwartier van de separatisten komen, horen we dat de terugtrekking niet beperkt bleef tot Jelenovka. Het Oekraïense leger heeft alle gevechtsposities in en rond Debaltsevo opgegeven. De separatisten hebben het helemaal vernielde stadje ingenomen. Het is meteen het einde van de zware gevechten in het oosten van Oekraïne.
De separatisten konden het Oekraïense leger alleen maar verslaan door Russische steun. De nieuwe vrachtwagens die ik zag in het hoofdkwartier in Jenakijevo waren daar een goede aanwijzing voor. Maar er werden ook manschappen naar Oost-Oekraïne gestuurd. Niet officieel, altijd zonder insignes, maar nauwelijks nog te ontkennen. Zo vertelde een Russische soldaat uit Oelan-Oede na de slag rond Debaltsevo aan een journalist van Novaja Gazeta hoe hij samen met 300 andere militairen vanuit Rostov naar Oekraïne werd gestuurd. Zijn tank werd aan de frontlijn in Debaltsevo getroffen, brandde uit en hij kwam terecht in het ziekenhuis van Donetsk.
Toch blijft het Kremlin de inzet van Russische soldaten ontkennen. President Poetin leek even tijdens zijn persconferentie toe te geven dat er wel degelijk Russische militairen actief waren in Oekraïne, maar zijn woordvoerder haastte zich te zeggen dat Poetin had gesproken over militairen die op eigen initiatief naar daar waren gegaan.
Economische crisis
Het machtsvertoon in het buitenland staat in schril contrast met de onmacht van de Russische overheid om de economie in goede banen te leiden. Het land leeft van de export van olie en gas, en slaagt er niet in los te komen van die verslaving. Russische producten zijn waardeloos op de wereldmarkt. Ik kon in april een bezoek brengen aan de indrukwekkende bouwwerf voor een nieuwe LNG-terminal in Sabetta, hoog boven de poolcirkel. De kennis en het materieel om in dergelijke moeilijke omstandigheden te werken komt grotendeels uit het Westen. Rusland blijft economisch een reus op lemen voeten. De groei van de economie gaat op en neer met de olieprijs, net zoals de roebel. En de westerse sancties hebben de wonde helemaal blootgelegd.
De Russen hebben dit jaar heel wat koopkracht moeten inleveren. Hun inkomen is met bijna 10 procent gedaald. Maar ze zijn flexibel omdat ze in het verleden al ergere zaken hebben meegemaakt. Zelf gekweekt voedsel uit de datsja is weer populair. Het Kremlin pepert hen ook voortdurend in dat het land aan alle kanten wordt bedreigd. De verdediging van het vaderland vraagt nu eenmaal offers en de immer patriottisch ingestelde Russen betalen voorlopig zonder veel morren de prijs. ‘Waarom komen jullie niet op straat?’ vroeg ik aan een middenklasse koppel in Sint-Petersburg eind oktober. ‘Dat zal weinig uithalen en we zien ook geen alternatief,’ zeiden ze stoicijns.
Poetin populair
De Russische president Poetin blijft intussen ongekende populariteitscijfers optekenen in de peilingen, ergens schommelend tussen 80 en 90 procent. De Russen rekenen hem de economische moeilijkheden duidelijk niet aan omdat hij Rusland weer op de wereldkaart heeft gezet. De annexatie van de Krim kon rekenen op een enorme steun bij de Russen omdat in hun ogen Rusland voor het eerst zijn tanden liet zien. ‘We hebben hen verplicht ons te respecteren. Ze mogen ons dan niet graag zien, ze hebben ten minste angst voor ons.’ Het zijn maar enkele reacties die Russen lieten optekenen in focusgroepen van het onafhankelijke Levada Centrum.
Ook in Syrië kon Poetin het Westen te slim af zijn. Op enkele weken tijd bouwde de Russische luchtmacht een aanzienlijke aanvalscapaciteit uit op de luchthaven van Latakia. Rusland opereerde daar op uitnodiging van president Assad, binnen de normen van het internationale recht, iets wat de Amerikanen met hun acties in Syrië veel moeilijker konden aantonen.
De Russische operatie legde ook het pijnpunt bloot van de belabberde westerse strategie in Syrië: zowel strijden tegen Assad als terreurgroep IS, zonder een idee te hebben van wat er moest gebeuren mocht Assad verdwijnen. Libië en Irak hadden nochtans al aangetoond dat je chaos krijgt als een dictator wordt afgezet zonder overgangsplan.
Met de operatie in Syrië kon de Russische krijgsmacht ook tonen dat de miljarden die de afgelopen jaren in defensie zijn geïnvesteerd, ook resultaat hebben. Niet alleen verliep de opbouw in Syrië uitermate snel en stealthy, de ingezette middelen konden de vergelijking met westerse defensietechnologie doorstaan, zoals de splinternieuwe SU-34 bommenwerper. Of de Kalibr-kruisraketten die begin oktober vanuit de Kaspische Zee werden afgeschoten en doelwitten troffen in Syrië, 1500 kilometer verder. De Russische krijgsmacht zorgde ervoor dat alles goed in beeld werd gebracht, onder meer met GoPro beelden in de gevechtsvliegtuigen. De Russen vonden het fantastisch. Niet alleen had hun president het Westen een hak gezet, hij had er ook voor gezorgd dat hun land weer kon meespelen in de militaire eredivisie.
Wat de Russen evenwel niet te zien kregen, waren de vele ongeleide bommen die werden ingezet en die volgens Amnesty International en Human Rights Watch vele burgerdoden hebben gemaakt, een beschuldiging die door Moskou meteen is afgewezen als ongegrond.
Rusland steunt Assad
Poetin maakte er geen geheim van dat de Russische gevechtsvliegtuigen het leger van Assad gingen steunen, want Assad was een bondgenoot in de strijd tegen IS. Alleen deed Rusland niet wat het zei, zoals wel vaker gebeurt. Het bombardeerde nauwelijks IS, maar vooral andere oppositiegroepen, sommige die zelfs werden gesteund door het Westen.
De communicatie tussen het Westen en Rusland over Syrië werd er ernstig door gestoord. Verwijten gingen over en weer. Pas na de aanslag op een Russisch vliegtuig boven de Sinai en de terreuracties in Parijs begonnen zowel Moskou als het Westen zich meer te focussen op de strijd tegen IS en het zoeken naar een politieke oplossing voor de Syrische catastrofe. In Wenen werd een stappenplan uitgewerkt, enkele weken later bekrachtigd door een unaniem aangenomen resolutie in de VN-Veiligheidsraad, de eerste keer dat zoiets mogelijk was in het bijna 5 jaar oude conflict.
Daarmee is de Syrische kwestie verre van opgelost, maar het is een belangrijke eerste stap. Ook is het wederzijds wantrouwen niet verdwenen, te meer omdat Rusland nog altijd weinig bombardementsvluchten uitvoert tegen IS. Tijdens een briefing op de NAVO voorafgaand aan mijn bezoek aan het vliegdekschip Harry S. Truman vroeg ik aan de Amerikaanse adjunct-permanente vertegenwoordiger of hij geen verandering ziet in de houding van Moskou. Hij keek mij niet begrijpend aan en antwoordde kortaf dat er met Moskou alleen wordt samengewerkt om een politieke oplossing te zoeken voor Syrië.
De Russische inzet in Syrië houdt ook risico’s in voor een nieuwe confrontatie tussen Rusland en het Westen omdat de vele gevechtsvliegtuigen op een redelijk beperkte ruimte opereren zonder onderlinge coördinatie. Zo werd op 24 november een Russische SU-24 bommenwerper neergeschoten door een Turkse F-16 omdat die volgens Ankara even het Turkse luchtruim was binnen gevlogen.
Het was de eerste keer dat een gevechtsvliegtuig van een NAVO-lidstaat een Russisch militair toestel had neergeschoten. Rusland ontkende meteen dat het Turkse luchtruim was geschonden en beschuldigde Turkije ervan het terrorisme te steunen. Er gingen harde verwijten over en weer en Rusland vaardigde sancties uit tegen Turkije. Rusland installeerde ook een geavanceerd S-400 luchtverdedigingssysteem in de regio, waardoor de operaties van de door de VS geleide coalitie ten westen van de Eufraat gestaakt moest worden.
Meer normale relaties met het Westen
Toch werd het conflict met Turkije door Moskou niet gebruikt om het Westen met de vinger te wijzen. Het Kremlin lijkt ondanks alles een opening te zoeken om opnieuw te komen tot meer normale relaties met het Westen. Ook daarom heeft Rusland de aandacht verlegd van Oekraïne naar Syrië. Daar hebben het Westen en Rusland tenminste enkele gemeenschappelijke belangen, in Oekraïne staan ze lijnrecht tegenover elkaar.
Betere verhoudingen met het Westen komen alvast goed van pas om de economie uit het slop te halen. Het land geraakt ook alsmaar meer geïsoleerd. Turkije had voor een groot deel de bevoorrading van groenten en fruit overgenomen na het Russische embargo tegen EU-producten, maar na het neerschieten van de Russische SU-24 is er ook een embargo gekomen tegen Turkse producten. Zelfs een trouwe bondgenoot als de Witrussische president Loekasjenko kijkt de laatste tijd meer naar het Westen dan naar zijn grote buur in het oosten.
Rusland weet ook dat z’n medewerking noodzakelijk is voor een oplossing in Syrië, nu zelfs nog meer dan vroeger. Het Westen zoekt de laatste weken ook actief die medewerking. Moskou hoopt vermoedelijk dat er een moment komt dat het Westen zich zal moeten afvragen in hoeverre de sancties tegen Rusland nog gehandhaafd kunnen blijven. In Kiev leeft alvast de vrees dat het Westen Oekraïne zal ‘verkopen’ in ruil voor Russische medewerking in Syrië.
Om die redenen richtte Poetin op zijn jaarlijkse persconferentie zijn giftige pijlen deze keer niet op het Westen, zoals de voorbije jaren. De Russische president lijkt op dit moment alvast onaantastbaar, binnenlandse problemen tasten zijn populariteit niet aan. Maar dat geldt alleen zolang Poetin de Russen ervan kan blijven overtuigen dat die problemen te wijten zijn aan buitenlandse vijanden of noodzakelijk zijn om de veiligheid van het land te waarborgen.
Na de Krim en Oost-Oekraïne slaagde het Kremlin er in de aandacht van de Russen te verleggen naar Syrië. Niemand weet welke zetten op het geopolitieke schaakbord Poetin nog achter de hand houdt om die aandacht weg te houden van de binnenlandse problemen.